19

november

Loonwerkfacturen voor landbouwers in de bijzonder BTW-regelgeving

VACcount

Wanneer een gewone BTW-plichtige die periodiek (maandelijks of per kwartaal) aangiften indient, werken in onroerende staat laat uitvoeren, dient de dienstverrichter/loonwerker/aannemer in principe een factuur op te maken zonder BTW en met de melding “BTW verlegd”.

Landbouwers onderworpen aan de bijzondere landbouwregeling inzake BTW, dus landbouwers die geen kwartaal/maand BTW-aangiftes moeten indienen en vrijgestelde kleine ondernemingen mogen vanaf 1/10/2018 niet langer hun BTW-nummer meedelen aan hun dienstverrichter/loonwerker/aannemer in geval van werken in onroerende staat. Dit om te vermijden dat verkeerdelijk gefactureerd zou worden met toepassing van verlegging van heffing, de zogenaamde 0% BTW, werken aan roerend goed.

Voor landbouwondernemers onderworpen aan de “forfaitaire” BTW-regeling en kleine ondernemingen dient de dienstverrichter/loonwerker/aannemer echter een factuur op te maken met toepassing van BTW, aangezien deze belastingplichtigen geen recht op aftrek hebben.

De wet van 30 juli 2018 bepaalt dat de dienstverrichter/loonwerker/aannemer wordt ontlast van zijn aansprakelijkheid om de BTW te voldoen indien een vrijgestelde kleine ondernemer of landbouwerondernemer toch hun BTW-nummer meegeven aan de aannemer. Het gevolg is dat bij de kleine ondernemer en de landbouwerondernemer de verschuldigde BTW zal nagevorderd worden, met eventuele boete en nalatigheidsintresten, en dus niet meer bij de aannemer zelf.

Kortom, de landbouwondernemer en de kleine ondernemer moeten er vanaf dan extra waakzaam op zijn hun BTW-nummer niet mee te geven aan een dienstverrichter/loonwerker/aannemer die zijn werken in onroerende staat wil factureren. De BTW-verlegging ter zake kan immers gewoonweg niet toegepast worden en de aannemer moet zijn werken factureren met BTW. Wordt hieraan geen gevolg gegeven, dan zal de BTW-Administratie aankloppen bij de kleine ondernemer of landbouwondernemer.

Verschillende loonwerkactiviteiten worden aanzien als werken in onroerende staat (met een landbouwkarakter). Het kan daarbij gaan over ploegen, maaien, oogsten, besproeien, enz. In die gevallen mag de landbouwer onderworpen aan de bijzondere regeling en de kleine onderneming het BTW-nummer niet meer doorgeven aan de loonwerker.

TIP!
Ben je landbouwer onderworpen aan de bijzondere landbouwregeling of een kleine onderneming en krijg je een factuur van je dienstverrichter/loonwerker/aannemer waar verkeerdelijk geen BTW op aangerekend is, neem dan zeker contact op met de dienstverrichter/loonwerker/aannemer om een correcte factuur te vragen.

Ter herinnering
Vrijgestelde kleine ondernemingen zijn ondernemingen waarvan de jaarlijkse omzet niet hoger ligt dan 25.000 euro excl. BTW en die gekozen hebben voor het  optioneel stelsel, ttz de onderneming  kan  geen BTW-recupereren op kosten, maar het grote voordeel is wel dat er niet moet voldaan worden aan een resem van BTW-verplichtingen zoals het indienen van BTW-aangiften, van intracommunautaire opgaven. De jaarlijkse klantenlisting moet evenwel ingediend worden. Zo’n kleine ondernemingen krijgt, ondanks de versoepelde te voeren BTW-administratie, wel een BTW-nummer toegekend. Zij moeten die immers vermelden op hun verkoopfacturen met daarop de vermelding dat zij een vrijgestelde kleine onderneming zijn. Uiteraard zit er geen BTW op die factuur vermits een kleine onderneming geen BTW-aangiften moet indienen en derhalve geen BTW moet doorstorten aan de Belgische schatkist.