05

januari

Everzwijn is terug

VACconsult

Onderzoek – Landbouwschade door everzwijn

Het everzwijn is terug aanwezig in Vlaanderen. Sinds 2006 neemt niet enkel het aantal everzwijnen toe, de dieren verspreiden zich ook steeds meer. De landbouwschade die de everzwijnen aanrichten is een actueel en een steeds groter wordend probleem, maar omvang ervan is nog altijd niet echt duidelijk. Anneleen Rutten, doctoraatstudente aan de Universiteit Antwerpen en het Instituut voor Natuur-en Bosonderzoek (INBO), zal de komende 4 jaar de landbouwschade door everzwijnen onderzoeken. Het hoofddoel in dit doctoraatsonderzoek is het in kaart brengen van de omvang en de kenmerken van de plaatsen waar landbouwschade plaatsvindt. De inbreng van de lokale landbouwers, jachtrechthouders en bijzondere veldwachters is cruciaal om dit onderzoek succesvol uit te voeren. Dit 4 jaar durende onderzoek bied de unieke kans om de aanpak van de landbouwschadeproblematiek verder wetenschappelijk te onderbouwen. Zowel landbouwers, jagers, natuurbeschermers als overheid zijn vragende partij om een precies beeld te krijgen van de schade door everzwijnen. Zonder ondersteunend cijfermateriaal kan je immers geen efficiënt beleid ontwikkelen.

Actueel is er geen zicht op de omvang van de landbouwschade door everzwijnen in Vlaanderen, en vooral in Limburg waar de everzwijnpopulatie het grootst is. Om een beter inzicht te krijgen op de omvang van de landbouwschade zal de komende 2 jaar terreinwerk uitgevoerd worden in Limburg. Het onderzoek vindt plaats in twee specifieke studiegebieden in Limburg, namelijk de regio Bocholt- Bree- Maaseik- Kinrooi- Meeuwen-Gruitrode en de regio Bilzen- Zutendaal- Riemst (link kaarten). Deze gebieden zijn gekozen op basis van het aantal gekende schadegevallen en hun landschapskenmerken. Schadegevallen binnen deze twee studiegebieden zullen gedetailleerd onderzocht en opgevolgd worden. Ook meldingen schadegevallen buiten deze 2 studiegebieden zullen niet ongehoord blijven, deze worden ook onderzocht om de gehele omvang van de schadeproblematiek in kaar te kunnen brengen.

Landbouwers worden gevraagd om contact op te nemen met Anneleen Rutten waarna er een veldbezoek volgt. Elk gemeld schadegeval wordt gedetailleerd en op een objectieve manier onderzocht.  Met een drone worden foto’s genomen van de beschadigde percelen zodat de precies beschadigde oppervlakte nauwkeurig berekend kan worden. Via een schermpje kunnen landbouwers mee volgen met de camera van de drone, zo kunnen de landbouwers ook zelf direct de totale omvang van de schade.

2015 was het eerste meetseizoen, sinds juni zijn er een tiental schadegevallen in tarwevelden opgemeten en in het najaar zijn er 75 schadegevallen in de mais gemeld. De foto’s van de drone  worden nu verwerkt zodat het opbrengstenverlies van deze schadegevallen berekend kan worden.  Landbouwers zullen tijdens dit onderzoek op de hoogte worden gebracht door het organiseren van infomomenten zodat ook zij weten hoe groot de landbouwschade door everzwijnen effectief is.

Naar de toekomst toe is het belangrijk om het risico op het optreden van landbouwschade te kunnen inschatten voor een bepaald gewas op een bepaald perceel. Welke soort percelen, teelten, omgevingen en andere factoren krijgen de voorkeur van everzwijnen? Feedback vanuit de sector heeft bijvoorbeeld al duidelijk gemaakt dat bijvoorbeeld bemesting en variëteit van mais een rol zou kunnen spelen voor schade aan percelen. Maar ook de invloed van bospercelen, barrières, landgebruik in de omgeving,… spelen vermoedelijk een belangrijke rol. Uit de analyse van deze kenmerken zal blijken welke soort percelen, teelten en omgeving van percelen ervoor zorgen dat deze gevoelig zijn voor schade door everzwijnen. Deze analyse zal landbouwers praktijkgerichte informatie kunnen geven om doelgerichter maatregelen te treffen.

Contactgegevens Anneleen Rutten:
Telefoonnummer: 0472 69 23 19
Mailadres: anneleen.rutten@uantwerpen.be